Dagboek van de burgemeester (1)

8-3

Aan tafel bij Matthijs spreekt Katja over de bundel Verboden vruchten, erotische poëzie, die zij samenstelde ter gelegenheid van de Boekenweek. Ze noemt het een boek dat je met één hand kunt lezen. Ze vertelt over de boeken die zij ooit met één hand las. Tot slot leest ze iets voor waar onder andere het woord vulva in zit. Naar de maatstaven van het programma duurt het gedicht erg lang. Matthijs onderbreekt haar niet.

Lieve Katja mag ik, al is het maar een duizendste, een stukje van jouw schaamteloosheid alsjeblieft?

12-3

Mijn vriend vindt mij de laatste tijd niet zo’n leuke vriendin. Hij zucht ‘nou, als je elke week zo was…’ en maakt wijselijk zijn zin niet af. Ik verstop mijn oren onder de dekens. Neem me daar diep weggekropen voor gezelliger te zijn. Het liefst bleef ik er echter hele dagen onder. Het zijn de zenuwen, ik ben bij vlagen zo bang dat straks blijkt dat ik niks kan. Maar leg dat maar eens uit aan iemand die me blindelings bewondert.

17-3

Als ik het café binnenloop, met lippenstift op en in m’n lievelingsblouse, zijn de journalist en de cameraman al halverwege hun koffie. Ik stel me voor. Drie dames die ook koffie drinken, bestuderen me alsof ze zich proberen te herinneren of ze me misschien van televisie kennen. Hier binnen op de foto gaan, blijkt lastig met het licht. Het duurt lang. Op een zeker moment pak ik een boek uit mijn tas. Hij klikt. Hij zegt: onvoorstelbaar hoe je opeens ontspant in je gezicht.

20-3

Meneertje van twee mag kiezen wie hem naar bed brengt. Hij kiest z’n oudste tante. Eenmaal boven blijkt hij de verhalen uit de boeken nu wel te kennen. Ik word geacht iets nieuws te verzinnen. Op commando begin ik aan een verhaal dat ik een seconde eerder nog niet kende, maar moeiteloos een weg vindt naar een slot. Het handelt over het jongetje Guus en een eigenwijze buurtbus. De details zal ik je hier besparen. Ik geniet van het verzinnen, het vertellen, ik denk: zo moet het dus. Je bent het heus niet kwijt. Je kunt dit, oefen maar in miniatuur. Ondertussen geeft het kritische publiek de schattigste signalen van volmaakte tevredenheid.

22-3

Ik lees een boek van Walter van den Berg en vind het zo akelig goed dat ik bijna niet verder durf te lezen.

24-3

Tot mijn verrassing neemt tot slot de ijdelheid de overhand. In de vorm van nieuwe jurkjes, gelakte nagels, duur maar aanzienlijk minder oranje haar en – tegen niemand zeggen – zelfs wat minder chocola.