K’s Choice

Holding on and on to love, what else is real
A religion that appeals to me, oh
I believe in me. 

On and on and on and on.
I believe in me.

(K’s Choice – Believe)

(De vorige keer dat ik naar een concert van K’s Choice ging, betekende dat een van de dieptepunten in mijn liefdesleven. In het semi-kort: de toestand tussen ons was – praktisch gezien – voorbij maar we hadden die kaartjes nog. Akte van te optimistisch ingeschatte kansen. Hoewel ik wist dat samen met hem naar mijn lievelingsband gaan bepaald niet bevorderlijk zou zijn voor het herstel, liet ik me overhalen en gingen we toch. Als een soort van vrienden, rare vrienden wel, die met hun neus in elkaars nek gingen staan en wiegden op muziek die eigenlijk om dansen vroeg. Een paar uur later volgde de ultieme nederlaag: ik die voorstelde om samen te slapen, hij die dat een slecht idee vond, ik die vanuit een soort fatalisme net zo lang doorzeurde tot hij alsnog nou vooruit zei en ik die de conversatie afsloot met nou bedankt. In bed volgde een tragisch rollenspel. Ik het hart. Hij de plank.)

Afijn. Aan deze avond dacht ik terug en het contrast, dat niet groter kon zijn, stelde me gerust. Ik keek om me heen en zag dat ik niet de enige was die uit mijn grillige pubervel was gegroeid – het publiek was met de jaren mee geklommen en uit het grootste gedeelte leek de zwaarmoedige adolescentie helemaal verdwenen. Hier en daar vond ik er nog restjes van: vette haren, hangende schouders, bekraste armen.

Zoals er firma’s bestaan die maatwerk bieden voor alle denkbare huis-tuin-en-keukenproblematiek, zo heeft K’s Choice voor alles wat je in de basis kunt voelen, een lied.

Als je heimwee hebt: Home.
Als je boos bent: Not an addict.
Als je tevreden bent: How simple it can be.
Als je verliefd bent: God in my bed.
Als je hopeloos verliefd bent: Wait.
Als je bang bent dat ie er vandoor gaat: My heart.
Als ie er eenmaal vandoor is: 20.000 seconds.
Als je vader doodgaat: Dad.
Als je niets voelt: Tired.

Vanavond speelden ze echter vooral de categorie “als je al die irritante emoties weg wilt rocken”. Het beste lukte dat bij Hide. En bij Believe, zoals altijd. Tijdloze tekst over kunsten die ik nog steeds niet onder de knie heb, maar die daarom des te fijner zijn om heel hard mee te zingen. On and on and on and on. I believe in me.

Het fijnst vond ik echter het eind. Op het podium een explosie van licht en drum en zang en basgitaren. In mij alles hoe langer hoe stiller geworden. Omklemd door de man, baard in m’n nek, zo hecht en dichtbij dat hij mijn evenwicht werd, alsof we in het oog van een tornado stonden.

(Overbodig te zeggen dat het deze keer een van de hoogtepunten in mijn liefdesleven was.)