Weekend (18)

What-if-i-fall-quote_v4

  • Lang weekend dat voelde als zomervakantie. Het begon op een terras, waar de serveerster ons bijna twee uur met rust liet omdat ze aanvoelde dat binnen ons gesprek geen ruimte was voor een blik op de kaart, of voor aandacht besteden aan de wensen van een maag. Dat had ze goed ingeschat. En toen het woord verkering was gevallen, kwam ze alsnog tevoorschijn met cocktails en fajita’s. Wat een perfecte avond was dat.
  • Hardlopen met blote benen. Met muziek van Jess Glynne, het liedje Take me home waar ik opeens tranen van kreeg onderweg en dat sindsdien elke keer als ik het hoor weer naar dezelfde plek kruipt.
  • Tegen beter weten in ben ik weer eens gehecht geraakt aan een huis. Dat voel ik met name bij ontbijten in de vensterbank, of als we erin dansen en zingen, of als ik naar mijn grootste schat de boekenkast kijk – al zijn dit allemaal dingen die overal mee naartoe kunnen. Nu hangt er een te-koop-bord voor het raam en worden we er voortdurend aan herinnerd dat dit niet echt ons huis is en dat we vooral niet zelf mogen bepalen wanneer we toe zijn aan een volgende verandering. Het zorgt ervoor dat ik opeens weer volop denk aan de dagen dat ik hier naartoe verhuisde, de chaos, de paniek en de fijne kluizenaarswinter die daar op volgde. Dat het nu alweer voorbij is, terwijl ik juist net gewend was, is het zoveelste voorbeeld van het tempoverschil tussen mij en de wereld. Maar hee, ik kan dit wel. Ik kan loslaten en nieuwe dingen vinden, vallen en opstaan en aan iets nog beters beginnen. Hechten kan heus zoals een gekko dat doet: iedere volgende keer minstens net zo goed.
  • Maar als iemand een huizentip heeft, graag.
  • Ik was een heel weekend in de zon, in het gras, met blote voeten tegen het koude staal van het hek. Mijn lievelingsmanier van zitten. Ik keek naar voorbij vliegende auto’s, wedstrijd na wedstrijd, miste er niet een en bleef in elke serie keer op keer iets vinden wat me niet lang genoeg kon duren. Wonderlijk toch. Hoe fijn ook, na een paar van zulke zon-dagen voel ik me lui en sloom en wil ik weer hardlopen en productief zijn en eens iets anders eten dan shoarma, patat en witte bolletjes met hagelslag. (Dus nu, drie dagen later, kan ik nauwelijks nog lopen van de spierpijn.)
  • Soms is een klein, kort complimentje over mijn online praatjes-die-geen-dagboek-zijn genoeg om mij weer te doen stuiteren van energie en enthousiasme om er zoveel mogelijk tijd aan te besteden in de toekomst en de drang hiertoe eens wat serieuzer te nemen. Fijn is dat. Dank RT :)
  • Ik zei tegen mijn tante (heb ik al wel eens verteld hoe dol ik op mijn tantes ben? Ik wens aan de lopende band dat kleine F. en E. later ook zo over mij zullen denken) dat er op ‘t moment zoveel liefde mijn kant op komt dat ik van gekkigheid niet weet waar ik het moet laten. Dat ik er zelfs een beetje van begon te panikeren. Inmiddels ben ik tot de geruststellende gedachte gekomen dat dat misschien helemaal niet hoeft, dat ik het ergens moet laten, dat ik het moet sorteren alsof het tetris is. Misschien moet ik er gewoon languit in gaan liggen, en moet ik verder niks.
  • Tot slot een min of meer open vraag: waarom verpakken ze bij de Primera alle boeken in plastic? En doen ze dat zelf of hebben ze een dealtje gesloten met het Centraal Boekhuis? Of pakken andere winkels alles uit? Ik wil bladeren! Ik kan er iets van logica in vinden bij een pretentieuze titel als ‘101 gedichten waar vrouwen van gaan huilen’, want stel dat je drie bladzijden leest en dan nog steeds niet huilt, dan besluit je waarschijnlijk het niet te kopen omdat de inhoud je teleurstelt ten opzichte van de met marketing doordrenkte kaft. Maar voor mooie boeken vind ik het een belediging. En eigenlijk voor lezers ook.
  • Over boeken gesproken, lees aub allen de debuutroman van Lize Spit. Voor als je om de drie pagina’s een klap voor je kop wilt krijgen. Dat klinkt misschien een beetje dubieus, maar dit is een oprechte aanbeveling.