Weekend (3)

‘Ik voel een weekendstukje aankomen,’ zei de man op zondagmiddag.

Hoewel dat gevoel bij mij ontbrak, omdat ik weer eens aan het strijden was met het schrijven en er zelfs over dacht maar eens te stoppen met al die openbaarheid en korte vertellingen (in het diepste geheim aan een roman werken spreekt veel meer tot mijn verbeelding), gaf hij me daarmee toch – zoals wel vaker – stof tot optimistischer denken.

Het weekend dus. Donderdagavond luisterde ik met oren als opnamebandjes naar Griet Op de Beeck, die vertelde over het hoe en wat van schrijven en de ongemakkelijkheid van haar succes. Ook ik bewonder haar op het gênante af, maar laat daar niets van merken. Ik was zelfs te bedeesd om een boek te laten signeren, wat achteraf misschien spijtig is. Wat ik stiekem wel deed, was haar schrijftips op een geel plakbriefje noteren dat ik vooralsnog op het volgende briefje laat kleven, totdat er een huis is met een bureau en een muur ervoor en het dienst kan doen als dwingende herinnering.

De avond erna rende ik met mama een uurtje door het koele dorpse donker. Op nieuwe schoenen die ze nauwelijks bij kon houden en met een eindsprint die me pas echt in het weekend wierp. Eenmaal onder de douche vandaan bleek mijn vader de televisie op pauze te hebben gezet, zodat we gezamenlijk aan The Voice konden beginnen. Zelfs de hond werd er kalm van. Kneuterigheid die ik nooit ontgroei.

De zaterdag was zeldzaam leeg en van mij. Ik fietste naar de stad, langzamer dan op andere dagen, met de Spotify playlist ‘Infinite acoustic’ en gedachten aan later. Ik genoot zowaar van het soort kou en van de traagheid op de markt, van de vele mensen met hun winterjassen in de drie te krappe winkels waarin ik me even waagde. Ik kocht het boek Over leven en schrijven (dus toch) en las erin terwijl ik me met een muffin en een mango-mineola sapje op een sportschoolsessie voorbereidde.

De volgende ochtend werd ik wakker met spierpijn en de onbedwingbare haast me richting de man te begeven. Wederom op de fiets. Ik heb (als altijd niet als eerste) het fenomeen podcasts ontdekt en luisterde naar Solange die me vertelde over een van haar mooiste liedjes. Ik fietste harder dan op zaterdag. We zouden eigenlijk hardlopen maar aten in plaats daarvan boterhammen met een dikke laag Nutella. Ik hou van hoe dat mag.

De zondagmiddag bestond uit visites, uit winkeltje spelen met meneertje F. (die tamelijk exotische bestellingen plaatste in de supermarkt onder tafel) en knuffelen met zijn knappe zusje, terwijl de mannen een whiskyproeverij improviseerden en het buiten langzaam donker werd. Eenmaal thuis voelde toch de tijd te snel gegaan en bestelden we pizza om het deel dat we dit weekend nog buiten aanraakafstand hoefden raken, te minimaliseren.